De trein

Isa rent naar het treinstation. Het is donker en ze struikelt over bijna elke niet goed aangelegde stoeptegel. Het duurt nog een paar minuten voordat de lichten van de lantaarnpalen aan de zijkant van de straat aangaan. De straten zijn verlaten. Bij de stoplichten haast ze zich door rood. Wanneer ze bij de incheckpoortjes van het treinstation komt, wordt het drukker om haar heen. Haar trein staat er al en vertrekt over twee minuten vanaf spoor 1. Gelukkig bevindt het treinspoor zich op hetzelfde perron als de incheckpoortjes. Na het inchecken, stapt ze gelijk de trein in.

Ze zit en sluit haar ogen. Wanneer de trein rijdt, durft ze haar ogen te openen en kijkt ze uit het raam. De lichten van de lantaarnpalen gaan aan. Er zitten weinig mensen in de trein. Het is al laat en inmiddels zo donker, dat de omgeving niet te onderscheiden is. Door verschillende lichtinvallen weet ze dat ze langs huizen rijden. Als de huizen overgaan naar plattelanden, wordt het duister. De trein komt tot stilstand bij een afgelegen klein station. Hier stapt Isa uit.

Nog heel even en dan is ze veilig thuis. Dit station bestaat uit één perron en aan de linkerkant is een kleine uitgangstrap. Ze kijkt nog heel even rechts naar het loket. Daar hoort iemand van het NS-personeel te zitten. Vanavond is het leeg.
‘Natuurlijk’, mompelt ze. Isa loopt het trappetje af en checkt uit. Ze loopt een stukje rechtdoor naar de singel en loopt over de houten brug. Nog een klein stukje. Eindelijk, ze is veilig. Dit is haar huis. Niemand kan haar hier wat aan doen.

Instagram
Facebook
LinkedIn
Goodsreads
Pinterest
TikTok
error: Content is protected !!